Boosheid over uitbreiding AH Voorhof, maar gemeente is nog helemaal niet aan zet
Vijf insprekers hebben de gemeenteraad er dinsdag van proberen te overtuigen niet akkoord te gaan met de uitbreiding van de Albert Heijn aan de Voorhof. De groenstrook die daarvoor moet worden gekapt gaat ten koste van het groen in de wijk en de supermarkt wordt te groot. De bewoners zijn boos op de gemeente, maar die is nu nog helemaal niet aan zet, zei wethouder Piet van Dijk. Desondanks zegde hij wel toe met de AH in gesprek te gaan over een plek voor de kapper, die daar dreigt te moeten verdwijnen.
Grote supermarkt
Het is geen geringe uitbreiding die de nieuwe eigenaar van de supermarkt in het gebied voor ogen heeft. De supermarkt is nu al 2.200 vierkante meter groot, daar komt nog eens 1.200 vierkante meter bij. Ter vergelijk: volgens omwonenden is de gemiddelde AH in Nederland 1.500 vierkante meter groot. Bovendien wil de ondernemer de hoogte in, door op het pand een parkeerdek te realiseren voor 116 auto’s. De uitbreiding gaat ten koste van een groenstrook aan de achterkant van het pand. Hoewel volgens wethouder Van Dijk die ingreep in het groen gering is, vinden omwonenden uit Bongerd, Plantage, Voorhof en Wijngaard dat hiermee wel het karakter van het Voorhofpark wordt aangetast. Ze zijn bovendien bang dat het extra verkeer voor overlast en drukte in de wijk gaat zorgen. De uitbreiding gaat ook ten koste van de kapper die daar al 20 jaar een bedrijf heeft, maar van wie nu de huur is opgezegd.
Rammelend participatieproces
De groenstrook die de ondernemer wil kopen, is van de gemeente. Die heeft gezegd daar een ‘positieve grondhouding’ in te hebben. Dat betekent dat de ondernemer verder kan gaan met de planvorming, maar zeker nog niet dat de strook ook daadwerkelijk zal worden verkocht.
Dat hangt af van de plannen en van het participatieproces dat de ondernemer doorloopt. Dat proces rammelde aan alle kanten, lieten omwonenden de gemeenteraad dinsdag weten. Omwonenden werden in een zaaltje van vier bij zes ontvangen, dat daardoor ramvol zat. Er werden vier varianten voor de uitbreiding gepresenteerd, maar bij alle vier wordt de groenstrook niet gespaard. Bovendien werden nut en noodzaak van de uitbreiding niet behandeld.
Gemeente nog niet aan zet
Omwonenden zijn daarom boos op en teleurgesteld in de gemeente, omdat de participatie wat hen betreft een wassen neus is. Maar daar doet zich een probleem voor, liet Van Dijk de boze bewoners en de gemeenteraad dinsdag weten. “In eerste instantie is het aan de initiatiefnemer om een participatieproces te doorlopen. Zo is dat in de wet geregeld. Pas als dat is gebeurd, en de definitieve plannen naar de gemeenteraad komen, kan de gemeenteraad zeggen of dat proces voldoende is geweest of nog een vervolg moet krijgen. Maar met dit participatieproces heeft de gemeente dus niets van doen gehad.”
Omwonenden betwijfelen de noodzaak van uitbreiding van de supermarkt, zeker ook omdat de AH in de Kempenaar een nieuw pand gaat bouwen en er dus genoeg supermarktvolume is in Lelystad, maar dat is volgens de wethouder niet aan hen of aan de politiek. “Of een ondernemer wil uitbreiden is aan hem of haar. De positieve grondhouding van de gemeente wil alleen zeggen dat de planmakerij verder kan gaan. Daarin zullen dan ook nut en noodzaak van de uitbreiding aan de orde komen. Uiteindelijk gaan al die plannen dan naar de gemeenteraad, en is het aan hen om te zeggen of men instemt met de grondverkoop of niet.”
Detailhandelsvisie nodig
Een complicerende factor in dit verhaal is dat Lelystad geen detailhandelsvisie heeft, zegt Van Dijk. In zo’n visie kun je vastleggen hoeveel supermarkten of supermarktoppervlakte er mag komen in een stad, getoetst aan het inwonertal. “Zo’n visie zouden we eigenlijk wel; moeten hebben. Maar aangezien die er niet is, kunnen we deze uitbreiding daar ook niet aan toetsen.”
Niettemin heeft Van Dijk wel toegezegd alvast met de supermarktondernemer in gesprek te gaan over een plek voor de kapper in het nieuwe pand of in de omgeving, mocht de gemeenteraad instemmen met de grondverkoop. “Maar op dit moment zijn we als gemeente niet aan zet. We kijken vooral: wat gebeurt er en wat wordt het totaalplaatje? Als dat er is, komen we bij de gemeenteraad terug.”