Zoektocht naar nesten geelpoothoornaar in Flevoland gaat door
In Lelystad zijn sinds 2024 steeds meer nesten van de geelpoothoornaar gemeld. Via Waarneming.nl werden in 2024 negen nesten geregistreerd, in 2025 vijftien en in 2026 tot en met het derde kwartaal 25. Daarnaast zijn in 2026 via het meldpunt voor de Aziatische hoornaar nog eens zes nesten geregistreerd. Het opsporen van die nesten kost veel tijd en gebeurt voor een groot deel met hulp van vrijwilligers.
Maar het is wel nodig, want de geelpoothoornaar is een invasieve exoot in Flevoland. De soort kan schade veroorzaken aan de biodiversiteit, onder andere doordat de hoornaar jaagt op bestuivers zoals honingbijen. Het volledig verwijderen van de geelpoothoornaar uit Nederland is niet meer mogelijk, staat op de website van Rijksoverheid. De aanpak verschilt per provincie. In Flevoland worden nesten opgespoord en verwijderd om verdere verspreiding te beperken.
De geelpoothoornaar werd in Nederland ook wel Aziatische hoornaar genoemd. Deze naam zorgde regelmatig voor verwarring. Daarom is besloten de naam geelpoothoornaar te gebruiken. Die naam verwijst naar de opvallend gele uiteinden van de poten.
Op zoek naar nesten
De zoektocht naar nesten begint met het plaatsen van lokpotten. Ongediertebestrijder en imker Sander de Jonge uit Zeewolde legt uit dat daarin een mengsel van bier, wijn, suikerwater of limonade zit. Wanneer een geelpoothoornaar op de pot afkomt, wordt die met een kleur gemerkt. Daarna wordt gekeken in welke richting de hoornaar wegvliegt en hoe lang het duurt voordat die terugkomt. Hiervoor wordt de ‘VespaFinder-app’ gebruikt. “Eén minuut staat ongeveer gelijk aan honderd meter,” vertelt De Jonge. “Door meerdere lokpotten te gebruiken, kan het zoekgebied steeds verder worden verkleind.”
Angelique Pos helpt als vrijwilliger mee met het opsporen van de nesten. Ze werkt daarbij onder andere met lokpotten en een warmtebeeldcamera. Het vinden van een nest is niet altijd eenvoudig. “Ze zitten vaak hoog in de bomen, daardoor zijn ze moeilijk te zien,” zegt De Jonge. De warmtebeeldcamera kan helpen om nesten in het bos te lokaliseren. “Ik weet nu ongeveer hoe een nest eruitziet op de camera,” vertelt ze.
Het lokken, volgen en opsporen kost veel werk. De potten moeten dagelijks worden gecontroleerd. Pas wanneer er voldoende geelpoothoornaars op afkomen en die genoeg hebben gedronken, kunnen ze worden gemerkt en gevolgd. “We zijn op dit moment maar met z’n tweeën en het is heel veel werk om steeds lokpotten te zetten en te timen.”
Twaalf nesten verwijderd
De Jonge vertelt dat er dit jaar twaalf nesten in Zeewolde zijn verwijderd. Tien daarvan zijn door hem in het voorjaar bestreden. “Dit waren kleine, beginnende nesten, voornamelijk in spouwmuren en hagen.” De afgelopen dagen zijn twee grotere nesten weggehaald. “Deze nesten waren ongeveer zo groot als een kleine skippybal,” zegt De Jonge.
Taskforce geelpoothoornaar
Een *Overzicht van Taskforce GPH (geelpoothoornaar) Flevoland vermeldt tot en met augustus 79 geregistreerde nesten in Flevoland. Daarvan zijn er tot en met augustus 49 bestreden. Maar die cijfers zijn inmiddels achterhaald. “Het aantal nesten dat deze maand gevonden is in Flevoland, is hard gestegen ten opzichte van de rest van het jaar. Dat komt omdat de nesten nu een stuk groter en dus makkelijker te vinden zijn in de bomen,” weet De Jonge. Het aantal blijft nog elke week oplopen.
Bijenkasten onder druk
Dat de geelpoothoornaar invloed heeft op de bijenvolken in Zeewolde, merkt imker Dieter Wolff maar al te goed. Hij heeft zes bijenkasten bij de MMM-boerderij en vier bij de ‘Bijenweide’ naast de sportvelden. Daar ziet hij de geelpoothoornaar steeds vaker rond zijn bijenkasten. “Drie jaar geleden had ik nog geen enkele geelpoothoornaar naast de kasten gezien. Vorig jaar begon er af en toe één om de kasten te vliegen. Dit jaar zijn ze er permanent, ze jagen bij de ingang en om de kasten heen,” vertelt Wolff.
Hij ziet hoe de hoornaars bijen onderscheppen die terugvliegen naar de kast. “Meestal vliegen ze achter een bij aan die vol zit met stuifmeel en terugvliegt naar de kast. Met hun slachtoffer tussen de poten vliegen ze naar een plek in de buurt. Daar bijten ze de delen af die ze niet als voeding voor hun larven kunnen gebruiken. Met de rest vliegen ze terug naar hun nest.”
Het doet hem pijn om te zien. “Als imker voelt dat voor mij een beetje zoals voor de eigenaar van een hond die machteloos moet toezien hoe zijn huisdier onder een auto komt.”
Wolff vertelt dat zijn bijenvolken door de aanvallen bijen verliezen die voedsel halen. Vooral kleinere volken hebben daar last van. “De nog sterke bijenvolken zijn agressief en kunnen een aanval beter verdragen. De wat kleinere volken hebben er het meest last van. Ze kunnen de larven niet voeden. Het evenwicht van het volk is er niet meer. Dus de volken gaan onderuit.”
De aanwezigheid van de hoornaar verandert zijn blik tijdens het wandelen. “Ik liep vroeger altijd langs bomen en planten met de gedachte: die zijn goed voor mijn bijen. Maar nu kijk ik ook of ik een nest boven in de boom zie.”
Visie Wespenstichting
De Wespenstichting zegt begrip te hebben voor het bestrijden van de geelpoothoornaar, maar vindt het belangrijk dat daarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de geelpoothoornaar en inheemse wespensoorten.
De stichting vertelt dat andere soorten vaak ten onrechte aangezien worden voor een geelpoothoornaar. “Er zijn vele Europese hoornaars, limonadewespen, veldwespen en zelfs reuzenhoutwespen doodgemaakt omdat mensen dachten dat het de geelpoothoornaar zou zijn. Daarom pleiten wij ervoor om inwoners niet in te zetten in de strijd tegen de geelpoothoornaar,” aldus Nathan Veenstra, woordvoerder van de Wespenstichting.
Zij heeft geen bezwaar tegen het verwijderen van nesten op plekken waar die gevaar kunnen opleveren of schadelijk kunnen zijn voor de biodiversiteit. “Daarbij is het wel zaak dat wettelijke voorschriften te allen tijde worden gevolgd en er dus alleen professionals worden ingeschakeld die door een provincie of gemeente zijn aangewezen om deze nesten te verwijderen,” zegt Veenstra.
Informatie
De zoektocht naar nesten gaat door. Mensen die menen zelf een geelpoothoornaar te hebben gespot, kunnen dat checken en doorgeven op https://waarneming.nl/.
Voor meer informatie over de dieren kun je terecht op de website van de NVWA (Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit).
