Gedicht van de week: Troostroodrooster (Malou Kamstra)
Lelystad is een stad waar poëzie niet alleen leeft, maar ook wordt geschreven. Vanuit die traditie brengt Radio Lelystad wekelijks het Gedicht van de Week: een moment waarop woorden even de ruimte krijgen om te ademen. Het gedicht klinkt bovendien in het poëzieprogramma De Dinsdagavondsalon, waar taal en verbeelding elkaar ontmoeten. Deze week: multidisciplinair kunstenaar Malou Kamstra. Zij is een dichter die weet dat groeien zelden recht gaat, aldus de salon. "In haar gedichten kronkelen wortels door oude zeebodems, zingen beuken over verdwenen wateren en slingert een warrelknoest tussen modder en hemelruim."
En: "Malou Kamstra schrijft poëzie die diepgeworteld is in Flevoland, maar die tegelijk raakt aan iets universeels: het zoeken naar verbinding, naar betekenis, naar een plek waar je mag landen."
Troostroodrooster
Het rode, mistroostige brood
Lag met de billen bloot op de tafel
Kleine kinderen worden groot
Dus korstjes moeten worden gegeten
Ik ben een droogkloot in hoge nood
In een bijeenkomst die voelt als vuurdoop
Voor deze exotische misantroop
met bont gekleurde veren
Ik tref mezelf hier op de schroothoop
Met een stroboscoop vol hoop
en tassen rode draadjes
Ik zie
Dat ik de eindjes wel aan elkaar knoop
Hoewel ik eerst wat dingen moet afleren
Ik draag een jas van tweedehands geloof
Met zakken vol vergeelde brieven
Echo’s uit verzwegen liedjes
Van een regenbui die mij bedroog
Ik vouw de brieven tot een boot
Die ik drijven laat in de goot van een bruisend leven
Misschien dat een vreemde ze zal lezen
En glimlacht om wat ik vergat te houden
en wat ik naliet weg te geven
