Skip to main content

Aantal kilo’s restafval moet fors omlaag, maar hoe bereik je dat? Raad staat voor keuzes

02 april 2025
Geschreven door Kees Bakker

Het gaat goed met de afvalscheiding in Lelystad, maar als het gaat om de kilo’s restafval die worden ingezameld, moet er nog heel veel gebeuren. Als dat niet drastisch omlaag gaat, zal de afvalstoffenheffing elk jaar flink blijven stijgen. Kortom: er moet iets veranderen. Maar hoe bereik je dat?

Grondstoffenbeleid

De gemeenteraad is dinsdag bijgepraat over het afvalstoffenbeleid. Nou ja, in moderne taal is dat ‘het grondstoffenbeleid’, want de huidige heersende gedachte is dat afvalstoffen, mits goed gescheiden aangeleverd, voor een groot deel grondstoffen voor de industrie zijn. Plastic, glas, metaal, kleding, drinkverpakkingen, het kan allemaal opnieuw worden verwerkt.

Voor wat betreft de afvalscheiding doet Lelystad, lees de Lelystedeling, het best goed. Zo is de inzameling van PMD-afval (plastic, metaal en drinkverpakkingen) zelden vervuild, waardoor die partijen niet alsnog naar de verbrandingsoven hoeven. Maar het aantal kilo’s ingezameld restafval blijft veel te hoog, en bij het restafval zit ook te veel afval (GFT, PMD) dat daar niet thuishoort. Dat betekent dat er te veel restafval in de verbrandingsoven eindigt, en de tarieven voor het verbranden van afval zijn de afgelopen jaren flink gestegen en zullen blijven stijgen. Dat betekent dat als er niets verandert, de afvalstoffenheffing ook zal blijven stijgen.

De hoeveelheid restafval is de afgelopen jaren wel gedaald: van 261 kilogram per inwoner per jaar in 2012 tot 192 kg in 2023. Dat is een daling van 26 procent, maar de landelijke doelstelling dat de hoeveelheid restafval terug moet naar 100 kilogram per inwoner per jaar, blijft nog ver uit beeld.

Keuzes

En dat is een probleem, erkent de gemeente. De nieuwe manier van inzamelen, met ondergrondse containers in de wijk of vier verschillende containers aan huis, werpt vruchten af, maar zal na invoering over de hele stad niet meer tot een spectaculaire vermindering van restafval gaan leiden. Daarom heeft het college van burgemeester en wethouders  de gemeenteraad een keuzenota voorgelegd, waarin op een achttal onderwerpen elke keer drie scenario’s met keuzes worden voorgelegd. Dat moet uiteindelijk de gemeenteraad helpen bij het maken van die keuzes.

Zo kan het een keuze zijn de afvalstoffenheffing anders te berekenen. Nu worden alle kosten die de gemeente maakt, doorberekend in het tarief. Je kunt ook bepaalde zaken niet via de afvalstoffenheffing doorberekenen, maar bijvoorbeeld via de onroerendezaakbelasting. Helemaal eerlijk is dat niet, zegt het college, want dan betalen woningeigenaren meer dan huurders voor de afvalinzameling.

Betalen per kilo

Een andere keuze is ‘diftar’: gedifferentieerde tarieven, waarbij de inwoner betaalt per kilo afval die in de container wordt gegooid. Die mogelijkheid lijkt echter zeker geen politieke meerderheid te krijgen. Ook het college waarschuwt voor de negatieve bijwerkingen van dat systeem: het zal leiden tot meer afvaldumpingen, hetzij bij de ondergrondse containers, hetzij in de container van de buren als die bij de weg staat, hetzij in het groen. Een tussenweg is dat mensen zelf kunnen kiezen voor dat systeem en dan worden afgerekend op de kilo’s afval die ze aanbieden of in de container gooien, maar dat is wel een dure methode om in te richten en te controleren.

Een keuze waar de gemeenteraad wel voor voelt, is meer inzet op bewustwording. Mensen beter leren scheiden, folders in meerdere talen over wat wel en wat niet bij het restafval hoort, het opzetten van een circulair ambachtscentrum waar spullen worden hergebruikt of het subsidiëren van meerdere repaircafés: door mensen beter voor te lichten over de voordelen en gevolgen van een betere afvalscheiding moet je minder restafval overhouden. Maar ook deze investeringen kosten in eerste instantie meer geld.

Achteraf scheiden

Enkele politieke partijen hebben er bij het college op aangedrongen in de keuzes ook de keuze van afvalscheiden achteraf mee te nemen. Daarbij wordt het afval na inzameling gescheiden. Dat is voor de inwoners het makkelijkste systeem, maar omdat Lelystad enkele jaren geleden al heeft ingezet op ondergrondse containers en verschillende containers aan huis, is dat een systeem dat per definitie ook meer gaat kosten en voor een deel kapitaalvernietiging betekent. Almere is onlangs overgegaan op dit systeem en daar leidde dat tot een stijging van 11 procent van de afvalstoffenheffing

Wethouder Sjaak Kruis schetste de gemeenteraad nog één ander probleem waar Lelystad mee kampt: het toenemende aantal bijplaatsingen bij ondergrondse containers. Mensen die hun oude bank, keuken of bouwafval kwijt moeten, geen zin hebben ermee naar de afvalstraat te gaan en het dus maar bij een container dumpen. “Lelystad heeft het beleid dat zo snel mogelijk op te ruimen als er meldingen binnenkomen, maar daarmee geef je mensen misschien ook de indruk dat het dus normaal is je spullen daar te dumpen,” zei de wethouder dinsdag tegen de gemeenteraad. Ook hier is de vraag: helpt betere voorlichting, of moet er meer worden ingezet op repressie: controles en het uitdelen van boetes?