Vanaf vandaag kun je snuffelen in meer oude stukken van de politie, mede dankzij Truus
Elke eerste werkdag van het nieuwe jaar, dit jaar dus vandaag, vrijdag 2 januari, worden in heel Nederland archiefstukken openbaar gemaakt waarvan de geheimhoudingstermijn is verstreken: Openbaarheidsdag. Zo ook bij Het Flevolands Archief, waar je enkele oude politiestukken kunt zien. Truus Visser (77) is daar al vijftien jaar vrijwilliger en vertelt wat er allemaal achter de schermen gebeurt.
In het archief, bij Museum Batavialand, kun je elke dinsdag tot en met donderdag tussen 13.00 en 17.00 uur terecht in de studiezaal om archiefstukken in te zien. Het is toegankelijk voor iedereen die op zoek is naar informatie over Flevoland, aldus Visser. En: “Je kunt er ook online een heel aantal dingen al vinden.”
Zo is er een grote verzameling materiaal over de provincie, zoals bouwvergunningen, persoonlijke dossiers, oude kranten en foto’s. “Er is informatie te vinden over wanneer en hoe dingen gebouwd zijn bijvoorbeeld. Voor mensen die iets over hun familie of woonomgeving willen weten, kan het archief een bron van informatie zijn.”

Een belangrijk onderdeel van het werk van Het Flevolands Archief is het openbaar maken van archieven na verloop van tijd. Dat gebeurt dus elk jaar tijdens de Openbaarheidsdag. “Elk jaar komen er weer nieuwe dossiers vrij omdat de vervaldatum is verlopen en het niet meer geheim hoeft te blijven,” legt Visser uit. Vaak gaat het om stukken die 75 jaar niet openbaar mochten zijn, maar bij persoonlijke dossiers kan die termijn oplopen tot 100 jaar. Overigens komt 20 of 50 jaar ook voor.
Een archivaris of bibliothecaris presenteert op Openbaarheidsdag een of meer dossiers die geschikt zijn om uit te lichten. Het kan gaan om uiteenlopende onderwerpen, zoals politieverordeningen of andere stukken die iets zeggen over het dagelijks leven van vroeger. “Dat kan heel boeiend zijn,” zegt Visser, “en soms ook persoonlijk heel interessant, omdat je misschien wel ineens dingen tegenkomt over je eigen familie.” Voor Lelystad gaat het dit jaar onder meer om stukken van de eenheid van de rijkspolitie die hier in de beginjaren het politiewerk deed.
Orde scheppen
Zelf werkt Visser vooral aan het toegankelijk maken van archieven. Ze doet dat samen met een collega. “Het bestaat uit het ordenen van collecties die uit meerdere archiefdozen bestaan. Daar zijn we orde in aan het scheppen,” zet ze uiteen. “Daarna kan de collectie digitaal worden verwerkt. Dat betekent dat elk dossier een nummer en een beschrijving krijgt, zodat mensen die dingen kunnen opzoeken.”
De collectie waar Visser momenteel aan werkt, gaat over de afsluiting van de Zuiderzee. “En de consequenties daarvan voor alle dorpjes en steden die aan die Zuiderzee lagen,” zegt ze. Een van die consequenties was werkloosheid, waardoor plannen voor werkverschaffing werden gemaakt. “Men wilde fabrieken stichten, zodat werkloze mensen daar geld konden verdienen, daar heb je allemaal correspondentie over.”
Het ordenen van zo’n collectie kost veel tijd. Visser en haar collega zijn er al geruime tijd mee bezig. “Ik denk dat we er al zo’n twee jaar aan werken.Als je dan klaar bent, heb je echt iets geleverd.”
Onverwachte verhalen
Naast het opvragen van informatie zijn er in het gebouw soms kleine exposities te zien. Visser wijst op een presentatie van Museum Batavialand, in hetzelfde gebouw. “Dat is een klein hoekje, maar daar wordt hun archief over de Zuiderzee tentoongesteld met de verhalen erbij.”
Visser is niet alleen geïnteresseerd in grote historische gebeurtenissen, maar juist ook in kleine, soms onverwachte verhalen. Een voorbeeld dat haar is bijgebleven, komt uit een politieverordening van Urk. Daarin werd beschreven hoe een bakker werd beboet omdat hij vóór tien uur ’s ochtends brood verkocht. “Dat werd in hele ambtelijke taal beschreven, alsof het een enorme misdaad was,” vertelt ze. De regel had te maken met gebruiken uit die tijd. “Dat laat ook zien wat voor sfeer er toen was, heel veldwachterachtig. Het is interessant dat je daar 75 jaar later zo heel anders tegenaan kijkt dan toen.”
Op de zwart-witfoto burgemeester Hans Gruijters bij het politiebureau, geflankeerd door de ministers Koos Rietkerk (midden) en Frits Korthals Altes, gestoken in rijkspolitiekledij. Lelystad zelf had toen overigens al gemeentepolitie. Hoe dat zat, lees je hier.
FOTO ROB BOGAERTS ANEFO/RIJKSARCHIEF/WIKI COMMONS