Leegstand winkels daalt wat, maar blijft groot, ook in verhouding tot andere steden
De winkelleegstand is vorig jaar iets teruggelopen terwijl die landelijk wat toenam, maar het verschil blijft groot: Lelystad zakte van 22 naar 19 procent, Nederland als geheel steeg van 6,7 naar 7 rond. Dat blijkt uit de jaarlijkse Monitor Winkelleegstand van Locatus, een bureau dat data verzamelt over onroerend goed.
De leegstand in Lelystad is nog steeds anderhalf maal zoveel als in vergelijkbare plaatsen, volgens een berekening die de Stentor op basis van dat onderzoek heeft gemaakt. Bataviastad loopt meer in de pas: daar werd 7,4 procent geteld. Dat is ook een stijging, 2024 eindigde op 5,4, maar het gemiddelde over de laatste vijf jaar ligt rond 7 procent.
Wat resteert aan winkels, is in middelgrote plaatsen vaak voor dagelijkse dingen, zeggen experts. Wie wil shoppen, gaat naar een grote stad of een centrum als Bataviastad.
Zowel landelijk als in Lelystad loopt in reactie op de hoeveelheid winkelruimte inmiddels terug. Onder meer in Lelystad - in de plannen voor het Stadshart - komt de nadruk meer op wonen in het centrum te liggen, en op andere voorzieningen dan winkels, bijvoorbeeld horeca.